Posts tonen met het label Corpus Hermeticum. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Corpus Hermeticum. Alle posts tonen

woensdag 20 januari 2010

Gnosis

Als de mens Bewustzijn opdoet in de stof voegt hij dat Bewustzijn toe aan het Al-bewustzijn. Of, zoals het in Poimandres beschreven staat:
'Allereerst geef je bij de ontbinding van het stoffelijke lichaam het lichaam zelf over aan verandering, en het uiterlijk dat je hebt wordt onzichtbaar, en je persoonlijkheid, die geen uitstraling meer heeft, geef je over aan de demon. En de zintuigen van het lichaam gaan terug naar hun eigen bronnen, gaan daarvan weer deel uitmaken en voegen zich weer bij de werkingen daarvan. En de drift en de begeerte keren terug naar de redeloze natuur.

En zo begeeft zich de mens dan omhoog door het samenstel der sferen: aan de eerste sfeer geeft hij zijn vermogen tot groei en verminde­ring, aan de tweede het instrument van het slechte, de nu effectloze listigheid, aan de derde het onmachtig geworden bedrog van de begeerte, aan de vierde het uiterlijk vertoon van de heerschappij, nu zonder hebzucht, aan de vijfde de goddeloze overmoed van de onbe­zonnen doldriestheid, aan de zesde de boze aandriften van de rijkdom, die nu geen invloed meer heeft, en aan de zevende sfeer de leugen die valstrikken spant.

En dan komt de mens, ontdaan van astrale invloeden, in de achtste sfeer, slechts in het bezit van zijn eigenlijke Zelf, en samen met de geestelijke wezens bezingt hij de Vader. En alle aanwezigen verheugen zich over zijn aan­komst, en als hij dan aan zijn metgezellen gelijk geworden is, hoort hij ook hoe bepaalde Machten boven de achtste sfeer met zoete stem God bezingen. En dan stijgen zij in rangorde op naar de Vader, geven zichzelf over aan de Machten en, zelf Machten geworden, komen zij in God. Dat is de gelukkige voleinding voor hen die de Gnosis bezitten: God te worden!'

zaterdag 29 maart 2008

De Tabula Smaragdina

Het is waar! Het is zeker! Het is de volle waarheid!

Wat beneden is, is gelijk aan wat boven is, en wat boven is, is gelijk aan wat beneden is, opdat de wonderen van het ene zich voltrekken.

Zoals alle dingen uit het ene geworden zijn, door één midde­laarschap, zo zijn zij alle uit dit ene geboren, door overbren­ging.

Zijn vader is de zon, zijn moeder de maan, de lucht heeft het in haar schoot gedragen, de aarde was zijn voedster.

De vader van alle talismans in de ganse wereld is alomtegen­woordig.

Zijn kracht blijft ongerept, wanneer zij in de aarde wordt aan­ gewend.

Scheid liefdevol en met groot inzicht en wijsheid, de aarde van het vuur, het fijne van wat hard, dicht en gestold is.
Van de aarde stijgt het op tot de hemel, en daalt vandaar weer af tot de aarde; en neemt daarbij de kracht van wat boven is en die van wat beneden is tot zich.

Zo zult ge de glorie van de ganse wereld bezitten en deswege zal alle duisternis van u vluchten.

Deze is de machtige sterkte aller sterkten, omdat hij al het zachte zal overwinnen en al het harde zal doordringen.

Zo is de wereld geschapen. Uit haar zullen, op dezelfde wijze, wondervolle scheppingen ontstaan.

Men heeft mij dáárom de driemaal grote Hermes genoemd, omdat ik de drie aanzichten van de wijsheidsleer van de ganse wereld bezit.

Voleindigd is wat ik over de toebereiding van het goud gezegd heb.

woensdag 26 maart 2008

Corpus Hermeticum - Citaat

“Je moet zó over God denken: Hij heeft alle ideeën in zich, de godsidee, de idee van de kosmos, de ideeën van alles.

Als je jezelf niet aan God gelijk maakt, kun je je geen begrip van God vormen; want het gelijke wordt alleen door het gelijke gekend.
Maak jezelf groter tot je beantwoordt aan hem die onmetelijk groot is.
Verhef je boven alles wat ruimtelijk is, stijg uit boven de tijdelijkheid en wordt een eeuwig Wezen, dan zul je God kennen.
Overtuig jezelf dat voor jou niets onmogelijk is en houd voor ogen, dat je alles kunt kennen, iedere kunst, iedere wetenschap, de aard van elk levend wezen.
Klim hoger dan de hoogste hoogte, daal dieper af dan de diepste diepte.
Neem de gevoelens van alle ‘schepselen’ in jezelf op, van vuur, water, droog, vochtig.
Stel je voor dat je alomtegenwoordig bent, in de aarde, in de zee, aan de hemel, vóór je verblijf in de moederschoot, in de moederschoot, jong, oud, dood, in het hiernamaals.
Als je je dat alles tegelijk bewust hebt gemaakt, tijden, plaatsen, dingen, kwaliteiten, kwantiteiten, dan kun je verstaan wat God is.
(CH, XI, 20).

illustratie: S. Wulfing