Posts tonen met het label Paracelsus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Paracelsus. Alle posts tonen

dinsdag 8 maart 2011

Sprokkels

Ik word er wel eens mismoedig van dat ik, wat ik voel, niet zeggen kan. [Toon Hermans]


Men kan niemand iets leren; men kan hem alleen helpen het binnen zichzelf te vinden.
GALILEI.

Een horizon is niets anders dan de grens van ons blikveld

Laat een ieder, die zichzelf wil zijn, niet aan een ander toebehoren. (Paracelsus)

donderdag 13 januari 2011

Paracelsus

Omdat de mens meer is dan een sterfelijk schepsel, moet hij ook meer kennis hebben. Weet hij, wat in de hemel, op aarde, wat in de lucht, wat in het water is - waarom is dat zo? Daarom dat hij zal inzien wie hij is en waaruit hij voortkomt …

De ziekten van de mensen en hun gezondheden, bestaan alleen daarom dat de mens de basis zal herkennen waaruit hij geboren is --- En de arts is hij, die aan ieder de wonderwerken van God openbaart.

Laat de patiënt zijn eigen arts zijn en de arts diens helper.

(Uit: Opus Paragranum, het Labyrint der dwalende artsen)

dinsdag 28 oktober 2008

het boek der Natuur

« Wát wordt er op aarde gevonden dat niet door God tot ons gekomen is? Hij heeft alles in Zijn hand gehouden. Willen wij het uit Zijn hand nemen dan zal dat moeten zijn door bidden, zoeken en aan te kloppen. Zó is de weg in de school. Met geweld, door te stelen en met streken volbrengen wij niets. Die ons leert om het dagelijkse brood te bidden, die zegt ons ook te vragen om wat méér is dan brood. In het brood is niet alleen ons leven, maar ook de kunsten en de wijsheden, die van de Mond van God uitgaan. In deze zullen wij ons verzadigen, het maagvulsel voor dodelijk achten, het ander voor eeuwig... Wat zonder Hem gevonden wordt is blind, een duisternis, zonder Licht. Op die wijze moeten de geheimen en mysteriën van de natuur tot ons komen en worden ons de grote werken Gods geopenbaard. »

Paracelsus

zondag 17 augustus 2008

Paracelus schreef....

« Alles geschiedt slechts opdat wij er de oorzaak van zouden doorgronden.
Alles beweegt door God.
Slechts op deze grond ontstaan de zaken, God wil ons iets vertellen, opdat wij er de Goddelijke wijsheid van doorgronden.
De wonderbaarlijke draad in de geheimen en hun betekenis ervan begrijpen.
Ook opdat wij de grenzeloze en diepste wijsheid ervan aanvaarden en begrijpen. Tevens ook zijn grote geheimenissen openbaren welke voor het menselijke oog ontoegan­kelijk zijn.
Daar hij ons dan de poort tot zijn tuinen openstelt, dienen wij waardig over de drempel te schrijden.
Niet tot slapen maar tot waken zijn wij geboren, ons lampje dient te branden op het ogenblik van Zijn komst. »

vrijdag 30 mei 2008

Paracelus schreef....

Weet dan, mijne waarde heeren en goede vrienden, dat de boeken welke mij en ook u van de ouden geworden zijn, mij niet genoegzaam waren. Zij waren niet volkomen, een onzeker geschrijf, dat meer deed dwalen dan tot den waren weg leidde, hetgeen mij noodzaakte ze te verlaten. Nu zal men toegeven dat een jongere niet zonder een meester kan zijn, de leerling moet van zijn meester leeren. Steeds meer drong de vraag zich aan mij op, waar deze leermeester te vinden was, daar de schrijvers niet als meesters konden geacht worden. Indien geen boek op aarde bestond noch genezer, hoe zou men dan kunnen leeren ? Op deze wijze dacht ik en het werd mij duidelijk, dat de ge­neesleer zonder menschelijken meester geleerd kan worden.

Uit: DE DOOLHOF DER GENEESLEER. Paracelus

vrijdag 14 maart 2008

Over de onzichtbare dingen - Paracelsus

Laat de doden met de doden omgaan, houd jij je bij de levenden. Wat na­tuurlijk is, staat met elkaar in verband, en evenzo wat heilig is.

Als een heilige je wil verhoren en gezond maken - gesteld, dat dit zou kunnen -, dan zou hij je niet naar zijn graf trekken, maar naar jouw hart, want daar komt men het dichtst in de buurt van een heilige.

De doodgravers hebben natuurlijke lichamelijke werkingen heilig genoemd. Het is aan hun gestichten en kloosters goed te zien, waarom zij dat gedaan hebben. Zij hebben gepredikt over heiligen en daarbij slechts het lichaam voor ogen gehad. Satan heeft ze daartoe gebracht, zodat ze op die manier hun bezit konden vermeerderen. Zo hebben zij ervoor gezorgd, dat men niet wist, dat het niet de heiligen zijn die deze werken doen, maar dat de natuur ze doet, waartoe toch ook het lijk behoort.

Laat men zich steeds voor ogen houden, hoe wonderbaar de mens is gemaakt, en schrijf alles toe aan de natuur van die lemen massa, die de mens is. Om het verschil tussen het lichamelijke en het heilige nader te preciseren, geef ik de volgende kenmerkende punten van verschil aan: Het lichaam is in de aarde, het heilige in de hemel. De werkingen van dat wat in de aarde ligt, zijn natuur­lijk, terwijl die van het hemelse bovennatuurlijk zijn. Als nu de heilige op de jongste dag zal opstaan en in een lichamelijke gestalte rekenschap afleggen van zijn leven, dan moet zijn lijf verheerlijkt worden. Wat betekent de verheerlij­king van het lichaam nu anders, dan dat de natuurlijke krachten ervan worden weggenomen. Waarin onderscheidt een heilige zich in feite van anderen, dan alleen daarin, dat hij verheerlijkt is, dat wil zeggen, dat er niets natuurlijks meer aan hem is, terwijl ik vol zit met de algemene natuurlijke eigenschappen. Hoe zou een heilige, als hij de natuurlijke krachten in zich had, iets heiligs kunnen verrichten? De kracht van de natuur is zo wonderbaar, dat het volk haar al gauw voor heilig houdt.

Wie werd op aarde verheerlijkt, zodat de dood hem voorbij gaat, die in zijn verheerlijking niet pas aan het begin van zijn heilige krachten stond? Wat echter niet verheerlijkt is, is geheel van de natuur. Wat afgeleid is van de leem­kluit, moet weg.

Paracelsus – De Causis morborum invisibilum (over de onzichtbare dingen)