Posts tonen met het label Thomas Evangelie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Thomas Evangelie. Alle posts tonen

zondag 30 januari 2011

EEN KLEIN THOMASEVANGELIE - 53

106

Hoe kan ik één zijn
hoe kan ik het weten?
Of ook mijn oog in zichzelf verzinkt,
of ook mijn adem ademloos blijft slinken,
hoe ik ook handel, klevend aan de daad,
hoe ik ook wereld word, mezelf vergetend,
ik ben het steeds die van dit alles weet.
Hoe kan ik mij vernielen zonder te vergaan?

Grote meesters over de wereld
grotere meester diep in mij
ik meen: ik hoor hun stem
die vaderlijk mij vult:

Vriend, aan de vruchten
kent men de boom.

dinsdag 7 december 2010

EEN KLEIN THOMASEVANGELIE - 52

104
In de kamer van het huwelijk
op het onuitsprekelijke bed van eenheid
als niets meer daar is dan wat is
hoe zou ik nog bidden en vasten!

Maar werd ik in tweeën geworpen
weer verscheurd in de buitenste duisternis
dan kon ik vasten en bidden.

105
Wie zijn ongrondelijke Vader en Moeder kent
nooit is hij de zoon van een hoer
al was een hoer ook zijn moeder.

maandag 7 juni 2010

Bidt de Heer dat hij arbeiders zal zenden tot de oogst

Weet je niet wie de Heer is? En hoe je bidden moet? Wend je in je zelf tot Mij en beleef Mij en ondervind Mij. Weet dat je je eigen woord bent in je eigen licht­woord uit Mijn woord. Licht uit Mijn licht. Stem uit Mijn stem. Weet dat en wil dat en aanvaard dat en gevoel dat. Daarin ligt de roep naar de mensen die je broeders zijn. Daarin openbaart zich de kracht van je woorden van mens tot mens, van hart tot hart, van geest tot geest. Doe weg die scherpzinnigheid en die strijd en dat eeuwige gekrakeel. Doe weg dat gezeur over het al of niet-zijn van Mij en waar je Mij moet vinden. Laat Mijn woord binnengaan in alle landen en alle harten. Omdat Ik het ben die verlossing en liefde zendt door het mensenhart. Die balsem schenkt aan alle gewonde zielen en de grote verandering teweegbrengt in een ieder die tot zelfverandering wil komen. Hoor naar Mij en Ik hoor naar jou. Geef acht op Mijn stem en Ik doorlicht de jouwe. Want je bent een straal van Mij, een emanatie, een pijl, een trefpunt. Ik ben in jou het ontmoetingspunt, de kracht en het 'ik' dat eens van Mij is uitgegaan en tot Mij in zelfbewustzijn terug gaat keren. Herinner de mensen daaraan en draag bij tot de grote broederschap en vermijd de scheldpartijen tegenover allen die dwalen. Dit is alles vruchteloos.
Uit: Commentaar op het Thomas Evangelie - Barend van der Meer

vrijdag 5 februari 2010

Thomas Evangelie

Aanzitten aan de dis des Heren betekent vaarwel zeggen aan zijn deugden maar vooral ook aan zijn ondeugden en alles wat deze met zich medebrengen. Er is geen omzien aan de feestdis, er worden geen tranen gestort, er is niets te betreuren. Men zit niet met een bloedend hart aan het gastmaal. Er is nl. geen grotere vreugde dan aan die maaltijd te mogen deelnemen ook al gaan er ogenblikken aan vooraf dat men overvallen worden kan door het verdriet der verbrijzeling.
Het verdriet houdt geen stand. Ook niet het verdriet om de medemensen die de uitnodiging afwijzen en zich laten excuseren. Het helpt niet daarover tranen te storten en te blijven zeggen dat de wereld zo verstokt is en de mensen zo onwetend zijn of dat de angsten hen belemmeren, angsten voor hun bezit en hun verdienen, angsten voor hun medemensen.
Eén ding helpt op onzichtbare wijze ieder ander:
neem de uitnodiging aan en ontdek dat er niets zegenrijker, heerlijker en genezender is dan de kracht en de blijdschap, de rijkdom en de wijsheid, de macht en de heerlijkheid van deel te krijgen aan de bron van het water des levens. Immers, hier worden alle tranen uitgewist.
Het kan niet anders zijn of de uitnodiging geldt voor alle mensen, zonder enige uitzondering.
Wie neemt haar aan?

UIT: Barend van der Meer - Commentaar op het Thomas Evangelie

Thomas Evangelie

Verlaat de wereld der tweeheid in u zelf voor één enkele keer. Eén moment en het is geschied voor altijd. Eén keer ja tegen de gastheer en u hebt hem zijn woord gegeven voor eeuwig. Want het bewegende leven, het zich niet hechtende, het uit zich zelf zijnde liefhebben is het voor altijd liefhebben, een liefde boven tijd en ruimte, een altijd daarin willen vergaan en opgenomen worden.
Eén keer van de goddelijke dis eten, is er steeds weer naar terug gaan keren door de innerlijke woestijn, door alle twijfel, alle weerzin, alle tegenwerking. Ik kom heer, mijn gastheer, ik kom. Ik heb uw uitnodiging al zo lang gehoord. Ik kom zeker en laat mijn denken achter mij en mijn zelfingenomenheid, en mijn bezitsgevoel en mijn aanspraken op de dingen van deze wereld. Alle aanspraken laat ik varen door u te willen, de levende, de ene, de alomvattende, de oorzaak en oorsprong van al het zijnde. Voor u laat ik de verwarring varen, en mijn moede hoofd en mijn verslagen hart.

UIT: Barend van der Meer - Commentaar op het Thomas Evangelie