Posts tonen met het label Heiliging. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Heiliging. Alle posts tonen

vrijdag 11 april 2008

J. Anker Larsen - 4. Heiliging

Herinner je je de geschiedenis van Rasmus Praatvaar over den engel die met Adam kibbelde bij de poort van het paradijs?
Rasmus vergat iets, dat ik nu wil vertellen: Adam was bang toen de engel het zwaard trok; maar toen fluisterde de Booze: "Gooi de poort dicht!”
Dat deed Adam en de mensch was uitgesloten van het paradijs. Want alleen God zelf en de mensch, die naar zijn beeld geschapen is, kan de poort weer openen, en geen van beiden kan dat, zonder dat de wil van den ander het wil.
Er zijn menschen geweest, die de poort geopend hebben en aan hun metgezellen getoond hebben, dat hij open stond; hun discipelen zeiden daarna tot de geheele wereld: "Zie, hij heeft ons God getoond en de poort van het paradijs voor ons geopend!"
En terwijl ze het zeiden, streken hun handen liefkozend langs de poort en sloten hem zonder het te merken.
Twijfel je er aan, dat Jezus de poort opende, en dat christenleraren die te goeder trouw weer sloten kort na zijn dood'?
Maar God komt steeds weer bereidwillig naar de poort toe om de menschen tot eeuwig leven te wekken. Je kunt zien in de wereldgeschiedenis, hoe hij bij tijden zijn adem heeft geblazen over de aarde, zoodat het bespeurd werd in het leven der menschen.

dinsdag 8 april 2008

J. Anker Larsen - 4. Heiliging

Ik zeide: "Doe met mij wat ge wilt", toen was er geen reservatio mentalis, niet zelfs het minste "maar laat het dragelijk zijn." Dat was een aanroepen zonder voor­behoud, dat in mij opkwam, en wenschen en gedachten meesleurde in zijn stroom, en ik erkende dat het was een onvoorwaardelijk amor fati. Onvoorwaardelijk en on­zinnig, want hoe kon ik een lot liefhebben, dat ik niet kende en dat misschien wel hard zou zijn? Maar ik deed het. In mijn aanroepen lag een onvoorwaardelijk ja.
Tot wien wendde ik mij, ik, die niet aan God geloofde? Tot de werkelijkheid, niet tot de menschelijke voorstel­lingen daarvan, maar tot de ongekende werkelijkheid, hoe die dan ook zijn mocht, wanneer het voorhangsel van alle persoonlijke wenschen en voorstellingen was weggerukt.
En het antwoord kwam met groote kracht. Het was kracht. Die innerlijke kracht kon niet door ontleding vernietigd worden. Die was bestand tegen nadenken. Het aanroepen bleef levend, hoezeer mijn gedachten er ook om heen gonsden en er in staken.

J. Anker Larsen - 4. Heiliging

Ons weten, Niels, is iets dat we hebben. Dat kan in­gebonden worden in boeken en op een plank gezet. Het kan onthouden en het kan vergeten worden. Ik verlang hevig naar een weten, dat niet is iets dat we hebben, maar dat we zijn

Ieder mensch heeft zijn eigen zaligheid. Maar onze be­schaving is hersenbeschaving; wij halen ons ik omhoog tusschen de dichte muren van onze gedachten, en een woestenij breidt zich uit over ons heele lichaam - waar de zaligheid moest hebben gebloeid. Het ik brengt het, als het mooi is, tot een godsdienst of een levens­beschouwing."

"Nu ja," zei de vreemde, "dat is toch altijd iets. Dat is dan toch een weg."

"Een weg," herhaalde Hans, "neen, een spijskaart. Daarmee is het diner nog niet opgediend. Beleef eerst en verklaar dan - of laat het verklaren na. Zwijg stil en wees - zooals Peter, zoodat men de volheid des levens voelt, wanneer men met u samen is. Want nu meer dan ooit, hebben we meer behoefte aan leven dan aan leer."