Posts tonen met het label boek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boek. Alle posts tonen

woensdag 9 januari 2013

Leestip: God vergist zich niet - Roelof Tichelaar


God vergist Zich niet. We komen op aarde uiteenlopende vormen van lijden en chaos tegen, maar dat is wat wij zien. Hierachter schuilt een meesterlijk verlossingsplan: een goddelijk plan dat tot een geestelijke wedergeboorte leidt.

Roelof Tichelaar ontving langs bovennatuurlijke weg inzicht in dit plan en legt in dit boek de spirituele wortels van het christendom bloot. Hij beschrijft het goddelijk verlossingsplan, dat is doordrenkt met Gods onvoorwaardelijke liefde en ons boven onszelf uittilt. We komen bij een innerlijke schat die al bijna 2000 jaar toegankelijk voor ons is: de verlossing door Jezus Christus, waardoor de geboorte van de heilige Geest in ons mogelijk wordt.

Wat is de eigenlijke betekenis van de verlossing door Jezus Christus? Hoe kunnen we ons persoonlijk laten leiden door God, zoals dat ook in de Bijbel wordt beschreven? Wat zijn de valkuilen die we op deze weg tegenkomen? Hoe kunnen we omgaan met onze dromen en daar een grote geestelijke rijkdom uit putten? Wat kunnen we van bijna-doodervaringen leren en wat wacht ons na de aardse dood? Deze en vele andere vragen komen aan de orde en worden helder beantwoord.

‘In Christus heeft God alles vergeven. De verbinding met Hem is genoeg.’

Roelof Tichelaar is geestelijk hulpverlener, docent weerbaarheid en cognitief/aandachtgericht therapeut. Hij heeft diverse boeken op spiritueel christelijk gebied geschreven en geeft regelmatig lezingen.

ISBN 978 94 6015 079 1
Prijs: € 22,50
Uitgeverij: Akasha, Eeserveen



zaterdag 13 oktober 2012

Sprokkels - Boeken

Tot dusverre had ik gedacht dat elk boek sprak over menselijke of goddelijke dingen die bestaan buiten de boeken.
Nu kwam ik tot het besef dat boeken niet zelden over boeken spreken, met andere woorden dat het is alsof ze met elkaar spreken.
In het licht van deze overweging kwam de bibliotheek mij nog onrustbarender voor.
Het was dus de plaats van een lange, een eeuwenlange fluistering, van een onhoorbare dialoog tussen perkamenten, een levend ding, een vergaarplaats van niet door een menselijk brein te beheersen krachten, schatkamer van geheimen ontsproten aan ontelbare breinen, geheimen die degenen die ze hadden geproduceerd of doorgegeven, hadden overleefd.


Gelezen in: Umberto Eco - De naam van de roos

zaterdag 11 juni 2011

De Brug naar de Eeuwigheid

Hoe vaak gebeurt het niet dat de een omhoog probeert te gaan terwijl de ander naar beneden wil? De een loopt naar voren, de ander zorgt dat ze na elke twee stappen naar voren, drie stappen naar achteren gaat. Je kunt beter leren om alleen gelukkig te zijn, dacht ik, en van mijn vrienden en mijn kat te houden, je kunt beter wachten op een man die nooit zal komen dan dat je zo'n waardeloos compromis zou sluiten.


Degene die we zoeken is iemand die sloten heeft waar onze sleutels in passen, en sleutels die op onze sloten passen. Als we het aandurven om de sloten open te maken, komt onze waarachtigste persoonlijkheid te voorschijn en kunnen we in alle oprechtheid onszelf zijn; we kunnen bemind worden om wie we zijn en niet om wie we pretenderen te zijn. Ieder ontsluiert het beste in de ander. Wat er verder ook om ons heen verkeerd gaat, bij die ene zijn we veilig in ons eigen paradijs. Onze partner is iemand die onze diepste verlangens met ons deelt en die naar dezelfde dingen streeft. Wanneer we twee ballonnen zijn, en we gaan samen omhoog, dan is de kans groot dat we de juiste persoon hebben gevonden. Degene die we zoeken is degene die ons leven tot leven wekt.'



Bron: De brug naar de Eeuwigheid – Richard Bach

De Brug naar de Eeuwigheid


'De dingen om ons heen - huizen, auto's, banen - dat zijn decors, dat zijn decors voor onze liefde. De dingen die we bezitten, de huizen waar we in wonen, de gebeurtenissen in onze levens: lege decors.

Wat is het gemakkelijk om decors na te jagen en het echte leven te vergeten! Het enige dat telt, aan het eind van een verblijf op Aarde, is hoe goed we van iemand konden houden, wat was de kwaliteit van onze liefde?'


Bron: De brug naar de Eeuwigheid – Richard Bach

De Brug naar de Eeuwigheid

Ik weet bijvoorbeeld intuïtief dat wij schepsels van licht en leven zijn, niet van de blinde dood. Ik weet dat wij niet samen uit de tijd en de ruimte zijn weggeslingerd, onderworpen aan miljoenen veranderende plaatsen en tijden, goede en slechte dingen. Het idee dat wij lichamelijke wezens zijn die afstammen van oercellen in voedingssoepen, dat idee doet mijn intuïtie geweld aan, het stampt er met voetbalschoenen overheen.

Het idee dat wij afstammen van een jaloerse God die ons uit stof heeft geschapen en ons daarna heeft laten kiezen tussen knielen-èn-bidden en hel-en-verdoemenis, dat vind ik nog veel erger. Geen enkele fee uit mijn slaap heeft ooit zulke ideeën overgeleverd. In mijn ogen is het hele idee van het afstammen verkeerd.


Bron: De brug naar de Eeuwigheid – Richard Bach

vrijdag 21 maart 2008

Gustav Meyrink - De Witte Dominicaan(3)

Zoals een mens de betekenis van een boek niet kan begrijpen als hij het slechts in de hand houdt of alleen de bladzijden omslaat zonder ze te lezen, zo brengt hem het verloop van zijn levenslot geen winst als hij de betekenis ervan niet begrijpt; de gebeurtenissen volgen elkaar op als de bladen van een boek die de dood omslaat; hij weet het: ze verschijnen en gaan voorbij en met het laatste is het boek uit. Hij weet niet eens, dat het opnieuw wordt opengeslagen, altijd opnieuw, totdat hij eindelijk leert lezen. En zolang hij dat niet kan, is het leven voor hem niets dan een waardeloos spel, een mengsel van vreugde en leed.
Als hij echter eindelijk de levende taal daarin begint te begrijpen, dan slaat zijn Geest de ogen op en vangt hij aan te ademen en mee te lezen.
Hij die aan het omslaan van de bladen, aan het enkele komen en gaan van de bladzijden geen aandacht schenkt, zich daarover niet verheugt of erover huilt en als een opmerkzame lezer met ingespannen aandacht woord voor woord tracht te verstaan, voor hem wordt spoedig een boek opengeslagen waarin een hoger lot staat opgetekend.
Dat is de enige weg om aan de gevangenis van het fatum te ontkomen.

Manfred Kyber - Veronika's drievoudige licht

Je hebt je hemelse ogen nog wel, kleine Veronika en daarmee kun je scherp zien wat er boven de aarde is, maar om in de diepte te kijken moet je weer andere ogen krijgen, en dat neemt tijd en het is een pijnlijk proces. Maar kruip nu maar mijn boom in, want dat kun je heus heel gemakke­lijk doen. De schemering is immers voor jou nog niet gevallen, kleine Veronika. Je hoeft niet bang te zijn. Je aardse lichaam is inderdaad niets meer dan een kleding­stuk, daaronder zit weer een kledingstuk van fijnere stof en daarbinnen zit je eigenlijk zelf. Je grove aardse kledingstuk kan je gerust even achterlaten en in je fijnere kleed, lijk je op mij en op alle elfen en nimfen in het water en in de lucht en het vuur. Je moet je alleen even van jezelf losrukken, ongeveer net zoals wat er gebeurt als je inslaapt. Het is bijna hetzelfde en het gaat helemaal zonder moeite."
Plotseling rukte Veronika zich los van zichzelf en opeens was zij zo licht als een veertje waar de wind mee speelt en zo doorschijnend dat ze door zichzelf heen kon kijken. Haar aardse lichaam zat naast haar en ze vond dat het er loom en suf uitzag. Een moment later was zij midden in de boom en de elf nam haar bij de hand en liet haar alle wonderen zien die er hier waren.
Wat was er veel te zien! Veel meer dan in het landhuis van de kever. Veronika viel van de ene verbazing in de andere. Zij zag de sappen van de boom stromen in duizend fijne aderen. Ze stegen op van de wortels van de boom tot hoog in de bladerenkroon en tot ver in de takken en het loof, dat door de wind voortdurend zachtjes bewogen werd. Degene die toekeek had het gevoel dat hij met de sappen mee omhoog steeg en weer neer daalde als in een levende schommel.
"Ik kan het, nu ik midden in de boom ben, allemaal veel beter begrijpen dan vroeger, toen ik alleen maar met mijn ogen naar binnen keek," zei Veronika, "het lijkt me trouwens dat ik helemaal meer kan begrijpen nu ik mijn aardse lichaam achter gelaten heb. Je wordt door zo'n lichaam traag van begrip, geloof ik, in ieder geval ben je dan veel zwaarder. Ik heb nu zo'n heerlijk gevoel van licht te zijn."
"Ja," antwoordde de elf, "jullie worden door je aardse lichaam inderdaad nogal traag van begrip. Het zijn ook ongemakkelijke kledingstukken. Ik zou me er helemaal niet in kunnen bewegen. Het ergste is dat jullie mensen er steeds minder van gaan begrijpen naarmate je aardse lichaam ouder wordt en je er meer mee vergroeit. Zo lijkt mij dat tenminste te zijn als ik naar de verhalen van mensen luister. Zelf heb ik dat natuurlijk nooit meege­maakt."
"Komen wij dan op aarde om steeds dommer te wor­den?", vroeg Veronika, "dat zou toch vreemd zijn, vind je niet?"
"Nee," zei de elf, "jullie worden alleen dom omdat het donker wordt om je heen en dan moeten jullie het licht zoeken om alles weer beter te leren begrijpen. Als je dan in het duister het licht gevonden hebt is het begrip van het leven heel veel beter geworden. God heeft juist aan de mensen de taak gegeven het licht te zoeken.

dinsdag 18 maart 2008

Manfred Kyber - Veronika's drievoudig licht

Veronika's drievoudig licht

Veronika is een klein meisje dat nog in contact staat met de "andere wereld". Zij groeit op bij haar moeder en tante Marietje, met Moetsepoes, de kat, en Pruik, de hond. In het tuinhuisje woont haar oom, Johannes de Zwerver. In de eerste jaren van haar leven is zij zich vooral bewust van de tuin der geesten: de grote tuin achter het huis waar zij praat met de vogels, de egels, de kevers en andere dieren en waar zij verschillende natuurgeesten ontmoet. Achter in de tuin is een onzichtbare zilveren brug die beschermd wordt door een engel.
Als zij opgroeit raakt zij het vermogen om de tuin der geesten te zien kwijt, en wordt het een gewone tuin. Zij leeft dan meer in het huis der schimmen, waar vele drempels en treden zijn, en waar zij bevriend raakt met Meester Mutsje. Zij ontmoet de grijze vrouw, die ze later een drempel over zal helpen, en sluit vriendschap met Piet, die de werkelijkheid niet begrijpt, maar wel een diep geloof bezit. Volgens oom Johannes, die veel inzicht heeft in de andere wereld, is Piet in een vorig leven een grote wijze geweest.
Door een aantal gebeurtenissen begint Veronika steeds meer te begrijpen van de betekenis van het leven. De joodse handelaar Aron Mendel weet eindelijk zijn zware last af te leggen, tijdens een zware ziekte leert Veronika een vorig leven in Florence kennen dat doorwerkt in het huidige, de kerk van Halmar wordt weer licht, en een grote brand in kasteel Irreloh markeert het einde van de dramatische invloed van Florence.
Johannes de Zwerver neemt uiteindelijk de last van Veronika op zich en zij gaat over de zilveren brug naar de andere wereld. Een nieuwe tijd breekt aan: middernacht is voorbij en het is morgen geworden.
(Nederlandse vertaling 1e druk: 1979; 6e druk: 1992)


Citaat:
Er was eens een tuin der Geesten, en daarin zat de kleine Veronika in het zand te spelen. Maar Veronica zag hem met heel andere dan gewone ogen, met de innerlijke ogen die zij uit de hemel had meegebracht.
Voor zulke ogen is iedere tuin steeds een Geestentuin, en de hele wereld één zee van leven en licht.
Wij allen hebben de aarde eenmaal zo gezien, met de innerlijke ogen, toen wij nog jonge kinderen waren.
Maar toen kwam de grote schemering voor ons, onze hemelse ogen sloten zich, en zo komt het dat wij alles vergeten zijn.
Maar ik wil u daaraan herinneren; ik heb het mijzelf uit schemering en duisternis weer te binnen gebracht.