Posts tonen met het label de Alchemist. Alle posts tonen
Posts tonen met het label de Alchemist. Alle posts tonen

maandag 1 juli 2013

Paulo Coelho - De Alchemist

‘Er zijn drie soorten alchemisten,’ zei mijn meester. ‘Zij die vaag zijn omdat ze niet weten waarover ze praten; zij die vaag zijn omdat ze weten waarover ze praten, maar ook weten dat de taal van de alchemie zich tot het hart richt en niet tot het verstand.’

  ‘En wat is de derde soort?’ vroeg ik.

  ‘Zij die nooit van alchemie hebben gehoord, maar door hun manier van leven de steen der wijzen ontdekken.’

Ter illustratie van wat mijn meester bedoelde met de derde soort alchemisten, een verhaal dat hij mij zelf verteld heeft in zijn laboratorium.

  Eens besloot Onze-Lieve-Vrouw met het Kindje Jezus in haar armen terug te keren op aarde en een klooster te bezoeken. Trots hadden alle paters zich opgesteld in een grote rij, en een voor een traden ze voor de Heilige Maagd om haar eer te betuigen. Een droeg prachtige gedichten voor, een ander liet zijn miniaturen voor de bijbel zien, een derde somde alle heiligen op. En zo bewezen ze allemaal, monnik na monnik, eer aan Onze-Lieve-Vrouw en het Kindje Jezus.

  Helemaal achter in de rij stond een pater, de nederigste van het klooster, die nooit de geleerde boeken uit die tijd had bestudeerd. Zijn ouders waren eenvoudige mensen die in een oud circus in de buurt werkten, en alles wat ze hem hadden geleerd was een beetje jongleren.

  Toen hij aan de beurt was, wilden de andere paters de hommage beëindigen, want de ex-jongleur had niets belangrijks te melden en kon het imago van het klooster beschadigen. Maar ook hij voelde in zijn hart een immense behoefte om iets van zichzelf aan Jezus en de Heilige Maagd te geven.

  Beschaamd, de verwijtende blikken van zijn medebroeders in de rug, haalde hij een paar sinaasappels uit zijn zak en begon ermee te jongleren, want dat was het enige wat hij kon.

  Toen pas lachte het Kindje Jezus en begon in zijn handjes te klappen op schoot bij Onze-Lieve-Vrouw. En de Maagd stak haar armen naar hem uit en liet hem het kind even vasthouden.


Bron: Paulo Coelho - De Alchemist

donderdag 23 oktober 2008

Paulo Coelho - De Alchemist

Op hetzelfde moment was het alsof de tijd stilstond en de ziel van de wereld zich met geweld openbaarde aan de jongen. Toen hij haar zwarte ogen zag, haar lippen die aarzelden tussen een glimlach en stilte, begreep hij het belangrijkste en meest wijze deel van de taal die de wereld sprak en die alle mensen van de wereld in hun hart konden verstaan. En dat deel heette liefde, een gevoel dat ouder was dan de mensen en de woestijn, en dat desondanks altijd weer met onveranderlijke kracht de kop opstak waar twee blikken elkaar kruisten, zoals die twee daar bij de waterput. Haar lippen besloten ten slotte te glimlachen, en dat was een teken, het teken waarop hij zonder het te weten zo lang gewacht had, dat hij had gezocht bij de schapen en in de boeken, in het kristal en de stilte van de woestijn.
Daar was de zuiverste taal van de wereld, zonder enige uitleg, want het heelal had geen uitleg nodig om zijn weg door de eindeloze ruimte voort te zetten. Alles wat de jongen op dat moment begreep, was dat hij tegenover de vrouw van zijn leven stond, en voor haar zou ongetwijfeld hetzelfde gelden. Hij wist dit zekerder dan wat ook ter wereld, ook al hadden zijn ouders en de ouders van zijn ouders altijd gezegd dat je elkaar eerst goed moest leren kennen en genoeg geld bij elkaar moest sparen voor je ging trouwen. Wie zoiets zei had waarschijnlijk nooit kennis gemaakt met de universele taal, want als je je daarin verdiept, begrijp je al gauw dat er op iedereen iemand wacht, waar ook ter wereld, midden in de woestijn of in een grote stad. En wanneer die twee mensen elkaar tegenkomen en hun blikken elkaar kruisen, verliezen verleden en toekomst ieder belang en bestaan alleen dat ene moment en die onvoorstelbare zekerheid dat alles onder de zon geschreven is door dezelfde hand.