Posts tonen met het label Jonathan Livingstone Seagull. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jonathan Livingstone Seagull. Alle posts tonen

maandag 5 mei 2008

Jonathan Livingstone Seagull - Richard Bach

Jonathan Zeemeeuw bracht de rest van zijn dagen in een­zaamheid door, maar hij vloog nog veel verder weg dan het Grijze Klif. De enige zorg die hem kwelde was niet dat hij alleen was, maar dat de andere meeuwen niet wilden geloven in de heerlijkheid van het vliegen, die voor hen lag; ze weigerden hun ogen open te doen en te zien.
Iedere dag leerde hij meer. Hij ontdekte dat een gestroom­lijnde duikvlucht met hoge snelheid hem in staat stelde de zeld­zame en smakelijke vissen te vangen, die enige meters onder het wateroppervlak leven: hij hoefde niet langer in het kielzog van vissersboten te blijven hangen en brood te stelen om in leven te kunnen blijven. Hij leerde te slapen in de lucht, na 's nachts een koers te hebben uitgezet op de landwind, en zo een paar honderd mijl af te leggen van zonsondergang tot zonsopgang. Met dezelfde innerlijke controle vloog hij dwars door zware mist en steeg daar zelfs boven uit, tot hoog in de duizeligmakende blauwe lucht... terwijl iedere andere meeuw ondertussen op de grond zat en niets anders om zich heen zag dan mist en regen. Hij leerde om op de hogere luchtstromen diep landinwaarts te vliegen en daar te genieten van een heerlijk insectenmaal.
Wat hij eens had gehoopt voor de Vlucht, viel hem nu zelf ten deel, hem alleen. Hij had geleerd te vliegen, en hij had geen spijt van de prijs die hij had moeten betalen. Jonathan Zeemeeuw kwam erachter dat verveling en angst en haat de redenen zijn waarom een meeuwenleven zo kort is, en omdat hij dat alles niet kende, leidde hij inderdaad een lang en gelukkig leven.

donderdag 6 maart 2008

Jonathan Livingstone Seagull - Richard Bach


Ze kwamen in de avond, en troffen Jonathan alleen, vredig voortglijdend langs zijn geliefde hemel. De twee meeuwen die naast zijn vleugels verschenen waren zuiver wit als sterre­licht, en het schijnsel dat ze uitstraalden was zacht en vriendelijk in de hoge donkere nachtlucht. Maar het mooiste van alles was de perfectie waarmee ze vlogen, hun vleugeltips bewegend op precies een centimeter afstand van de zijne.
Zonder een woord te zeggen onderwierp Jonathan hen aan zijn proef, een proef die nog nooit een meeuw doorstaan had. Hij draaide zijn vleugels en liet zijn snelheid teruglopen tot een enkele mijl boven zijn overtreksnelheid. De twee stralende vogels ver­traagden hun vlucht tegelijk met hem, soepel, hun formatie gesloten houdend. Ze kenden het geheim van langzaam vliegen.
Hij vouwde zijn vleugels samen, maakte een rolbeweging en stortte zich in een duikvlucht, tot hij een snelheid bereikt had van driehonderd tachtig kilometer per uur. Zij doken naast hem, naar omlaag flitsend nog steeds in formatie, zonder een enkele hapering.
Tenslotte voerde hij met die snelheid een langzame, verti­cale rol uit. Zij rolden naast hem, in formatie, glimlachend.
Hij won weer hoogte en zweeg een tijdje, voor hij iets zei.
"Goed dan," zei hij, "wie zijn jullie?"
"Wij zijn van jouw Vlucht, Jonathan. Wij zijn je broeders." De woorden klonken kalm en beslist. "We zijn gekomen om je hogerop te brengen, naar huis."
"Ik heb geen huis. Ik heb geen Vlucht. Ik ben een banne­ling. En we vliegen nu in de hoogste zone van de Grote Bergwind. Hoger dan een kleine honderd meter kan ik dit oude lijf niet meer krijgen."
,.Dat kun je wel, Jonathan. Want je hebt het geleerd. Je hebt de ene leerschool voltooid, en het is tijd om aan een andere te beginnen. "
Het licht, dat hij zijn hele leven in zich had voelen branden, scheen helderder dan ooit. Ze hadden gelijk. Hij, Jonathan Zee­meeuw, kon wel hoger vliegen, en het was tijd om naar huis te gaan.
Hij wierp nog één keer een lange blik op de hemel, op dat
prachtige zilveren land waar hij zoveel had geleerd.
"Ik ben bereid," zei hij tenslotte.
En Jonathan Livingston Zeemeeuw steeg naar boven, samen met de twee witte sterrevogels, om te verdwijnen in de strakke donkere lucht.